Eind 2025 werd bekend dat Notepad++, een van de meest populaire teksteditors ter wereld, slachtoffer was geworden van een gerichte cyberaanval door vermoedelijk Chinese staatshackers. Door een kwetsbaarheid in de infrastructuur wisten aanvallers kwaadaardige code te injecteren die zich verspreidde naar specifieke gebruikers wereldwijd.
De oplossing om het probleem te dichten werd eveneens via een valide update verspreid, waarbij het updateproces aangescherpt is en diverse checks uitvoert alvorens de update geïnstalleerd wordt. Dit toont het belang aan van actieve Patch Management voor iedere organisatie, groot en klein.
Het incident bij Notepad++ illustreert een hardnekkig probleem: software-updates worden vaak gezien als vervelend en storend, terwijl ze juist een belangrijke verdedigingslinie vormen tegen cybercriminelen. Tijd om dat perspectief definitief om te draaien.
1. Zelfs vertrouwde software is een doelwit
Notepad++ is geen obscure applicatie van een onbekende ontwikkelaar. Het is een gerenommeerde, open-source teksteditor die door miljoenen professionals wereldwijd wordt gebruikt. Juist die populariteit maakte het een aantrekkelijk doelwit voor aanvallers.
De aanval richtte zich op de update-infrastructuur zelf. Door deze te compromitteren, bereikten de hackers in één klap een enorm aantal systemen. Dit staat bekend als een supply chain attack: een aanvalsmethode waarbij criminelen zich richten op de leverancier in plaats van op individuele eindgebruikers.
Toelichting: Supply chain attacks zijn bijzonder gevaarlijk omdat gebruikers erop vertrouwen dat updates van officiële bronnen veilig zijn. Wanneer die bron gecompromitteerd wordt, installeren organisaties onbewust malware via wat zij denken een legitieme beveiligingsupdate te zijn.
Praktijkfeit: Volgens onderzoek van het European Union Agency for Cybersecurity (ENISA) zijn supply chain attacks de afgelopen jaren met 300% toegenomen. Aanvallers richten zich steeds vaker op vertrouwde software-leveranciers omdat dit hen toegang geeft tot duizenden organisaties tegelijk.
2. Kwetsbaarheden hebben een beperkte houdbaarheid
Zodra een beveiligingslek openbaar wordt gemaakt, start er een race tegen de klok. Softwareleveranciers brengen zo snel mogelijk een patch uit, maar cybercriminelen beginnen direct met het ontwikkelen van exploits om de kwetsbaarheid uit te buiten voordat iedereen de update heeft geïnstalleerd.
Dit venster tussen bekendmaking en daadwerkelijke installatie van de patch is buitengewoon risicovol. Criminelen weten precies welke systemen kwetsbaar zijn en scannen actief het internet op onbeschermde doelen. Elke dag uitstel vergroot de kans op een succesvolle aanval exponentieel.
Toelichting: Bij de Notepad++-aanval hadden gebruikers die de beveiligingsupdate direct installeerden zich kunnen beschermen. Organisaties die wachtten met patchen, liepen echter het risico dat kwaadaardige code hun systemen binnendrong via wat leek op een reguliere software-update.
Praktijkfeit: Uit data van het Cybersecurity and Infrastructure Security Agency (CISA) blijkt dat 60% van alle succesvolle cyberaanvallen plaatsvindt via bekende kwetsbaarheden waarvoor al een patch beschikbaar was. Het probleem is dus zelden het ontbreken van een oplossing, maar het uitblijven van implementatie.
3. Handmatig patchen schaalt niet meer
Moderne IT-omgevingen bestaan uit tientallen tot honderden applicaties, elk met hun eigen update-cyclus. Microsoft, Adobe, Java, browsers, productiviteitssoftware, beveiligingstools en branchespecifieke applicaties brengen allemaal regelmatig updates uit. Handmatig bijhouden welke software gepatcht moet worden en dit vervolgens uitrollen over alle werkplekken is praktisch onmogelijk.
Zonder geautomatiseerd patch management of iemand die actief een oogje in het zeil houdt ontstaan blinde vlekken. Kritieke updates worden gemist, systemen blijven kwetsbaar, en er is geen centraal overzicht van de beveiligingsstatus. Dit creëert een lappendeken van beveiligingsniveaus binnen één organisatie, waar aanvallers gretig gebruik van maken.
Praktijkfeit: Volgens Ponemon Institute kost het gemiddelde MKB-bedrijf 32 uur per maand aan handmatig patch management. Ondanks deze tijdsinvestering blijft gemiddeld 40% van de kritieke patches langer dan 30 dagen ongeïnstalleerd door gebrek aan overzicht en capaciteit.
4. Niet alle updates zijn gelijk
Een veelgehoorde zorg bij patch management is dat updates de bedrijfsvoering verstoren. Die zorg is begrijpelijk: een slecht geteste patch kan inderdaad compatibiliteitsproblemen veroorzaken of systemen tijdelijk offline halen. Daarom is het cruciaal om onderscheid te maken tussen verschillende soorten updates.
Beveiligingsupdates (security patches) die actief uitgebuite kwetsbaarheden dichten, hebben absolute prioriteit en moeten zo snel mogelijk worden uitgerold. Functionaliteitsupdates en feature releases kunnen daarentegen volgens een geplande cyclus worden getest en geïmplementeerd. Een professioneel patch management-proces maakt dit onderscheid automatisch en zorgt voor de juiste balans tussen beveiliging en stabiliteit.
Toelichting: Een gestructureerd patch management-beleid categoriseert updates op basis van urgentie en impact. Kritieke beveiligingspatches worden binnen 24-48 uur uitgerold, terwijl optionele updates in een maandelijkse cyclus worden meegenomen. Dit voorkomt zowel beveiligingsrisico's als onnodige verstoringen.
Praktijkfeit: Microsoft's Patch Tuesday, de maandelijkse update-cyclus, brengt gemiddeld 50-80 patches per maand uit. Hiervan is doorgaans 15-20% geclassificeerd als 'Critical'. Zonder automatische prioritering is het voor IT-teams onmogelijk om snel te bepalen welke updates onmiddellijke actie vereisen.
5. Compliance vereist aantoonbaar patch management
Privacywetgeving zoals de AVG en branchespecifieke regelgeving stellen expliciete eisen aan de beveiliging van systemen die persoonsgegevens verwerken. Het niet tijdig installeren van beveiligingsupdates wordt door toezichthouders gezien als onzorgvuldig beheer en kan leiden tot aanzienlijke boetes bij datalekken.
Organisaties moeten kunnen aantonen dat zij passende technische maatregelen hebben getroffen om gegevens te beschermen. Een gedocumenteerd patch management-proces, inclusief rapportages over de patching-status van alle systemen, is hierbij essentieel. Bij een beveiligingsincident wordt dit door auditors en toezichthouders als eerste onderzocht.
Praktijkfeit: De Autoriteit Persoonsgegevens (AP) benoemt in meerdere uitspraken het ontbreken van tijdige beveiligingsupdates als verzwarende factor bij het opleggen van boetes. Organisaties die aantoonbaar een robuust patch management-proces hebben, worden doorgaans milder beoordeeld bij incidenten omdat zij adequate preventieve maatregelen hebben getroffen.
Conclusie
De Notepad++-hack is een wake-up call voor elke organisatie. Het laat zien dat zelfs de meest vertrouwde software kwetsbaar kan zijn en dat uitgestelde updates directe gevolgen kunnen hebben. Patch management is geen IT-frustratie, maar een fundamentele beveiligingsmaatregel die proactief en gestructureerd moet worden aangepakt.
Bij WeQonnect automatiseren we patch management volledig: van het monitoren van nieuwe updates tot het testen en uitrollen ervan volgens een vooraf afgestemd schema. Zo weet je zeker dat je systemen altijd beveiligd zijn, zonder dat dit ten koste gaat van de stabiliteit of productiviteit. Benieuwd hoe wij dit voor jouw organisatie kunnen regelen?